Ontvoering en liquidatie

Ontvoering en liquidatie

Angst voor verraad was de eigenlijke aanleiding voor de Sneker Bloednacht.

Het voorspel van de Sneker bloednacht
De angst voor verraad werd veroorzaakt door de NSB’er en NSKK’er (National Sozialistische Kraftfahrer Korps) G. van der K. van de Parallelweg in Sneek. Het was bekend dat hij veel van het verzet te weten was gekomen en hij werd ervan verdacht plannen te hebben dit door te zullen spelen aan de Duitsers. Als hij dat zou doen, zou hij een groot gevaar zijn voor het Sneker verzet. Daarom wilde de plaatselijke KP (Knok Ploeg) hem ontvoeren, verhoren en eventueel liquideren.

Op 12 juli 1944 was het zover. Op de Kerkhoflaan wilde de KP Van der K. grijpen, in een auto sleuren en hem wegbrengen.
Waar de KP’ers niet op gerekend hadden, was dat Van der K. een pistool bij zich droeg en zich hiermee wilde verweren. De verraste KP’ers schoten Van der K. neer. Gewond werd de NSB-er in de auto getrokken en weggereden.

De KP bracht Van der K. naar de boerderij van Marten de Jong bij Scharnegoutum.
Daar werd hij verhoord. Dit leverde weinig op, wat de KP’ers in een moeilijke positie bracht. Wat moesten ze nu met deze zwaargewonde man? Medisch laten behandelen en hem dan weer laten lopen? Dat hield te veel risico’s op verraad in.
Enkele op de boerderij ondergedoken piloten die niet de kans wilden lopen verraden te worden, losten het dilemma van het verzet op. Zij schoten Van der K. neer.

De ontvoering van Van der K. had op klaarlichte dag plaatsgevonden en het duurde niet lang of dit was overal in Sneek bekend, ook bij de NSB en de NSKK.
De wraak volgde in de nacht van 13 op 14 juli 1944 in de vorm van een represaille. Deze nacht is de geschiedenis ingegaan als de Sneker Bloednacht.