Administratiekantoor O.B.W.

 

Administratiekantoor van het Old Burger Weeshuis aan de Kleine Kerkstraat 6.

 

 

OBW-gebouw

Kleine Kerkstraat 6

Het Administratiekantoor van het Old Burger Weeshuis aan Kleine Kerkstraat 6 staat op de lijst van rijksmonumenten. De omschrijving op de monumentenlijst staat hieronder.

Inleiding
Het administratiekantoor van het Old Burger WEESHUIS is gebouwd in 1904 naar een ontwerp van Nicolaas Molenaar en is één van diens belangrijkste ontwerpen.

Het rijkelijk gedecoreerde pand met een zorgvuldige detaillering is een heel mooi voorbeeld van gecombineerde Neo-Renaissance- en Neo-Gotiek-architectuur.Voorheen was op de verdieping het Sneker telefoonkantoor gevestigd, tegenwoordig biedt het pand onderdak aan diverse bedrijven en instellingen.

De bestuurskamers etc. zijn echter nog in handen van de stichting O.B.W.Het pand ligt als een hoekpand bij een plaatselijke verbreding van de Kleine Kerkstraat (oostzijde).

Deze foto van het administratiegebouw van het Old Burger Weeshuis is gemaakt in 1906, dus vlak nadat het in gebruik genomen was.

Het gietijzeren tweedelig HEK aan de zuidzijde is in Neo-gotische stijl uitgevoerd en stamt niet uit de bouwtijd maar dateert uit+/- 1925-1930. Het bestaat uit twee, op zichzelf staande en afgesloten delen, die aan weerszijden van de ingang zijn geplaatst.

Tegen de noordzijde van het pand is in 1919 opnieuw door Molenaar een woningcomplex voor het O.B.W. gebouwd. In dit pand ligt de conciërge-woning (Kruizebroederstraat 34) van het kantoor. In 1996 heeft er een brand gewoed op de verdieping. De brand- en waterschade is zorgvuldig hersteld.

Omschrijving
Het pand is opgetrokken in rode baksteen, onderbroken door speklagen in gele baksteen, op een hardstenen borstwering met lijst; ter hoogte van de verdieping een hardstenen cordonlijst met daaronder een metselmozaïek. Het leien dak is vervangen door singels; een eenvoudige bakgoot op klossen. Alle vensters bevinden zich onder een boog met hierin een gemetselde tracering en metselmozaïek; ter hoogte van de vloeren gietijzeren sierankers.

De westgevel: rechts een trapgevel met pirons, met in de top twee vier-ruits vensters, geflankeerd door twee nissen; hieronder op de verdieping een pui onder een boog, met tussen de tracering zandstenen sculpturen (dit venster is een exacte kopie van het originele venster dat met de brand van ’96 verloren ging); op de begane grond een venster met drie-ruits bovenlicht geflankeerd door twee gevelstenen met de inscripties ‘OBW’ en ‘1904’. Links hiervan een entree met een dubbele deur, drie-ruits glas-in-lood bovenlicht en betonnen kalf; hierboven een gemetseld balkon op betonnen consoles; open balustrade; dubbele balkondeur. Daarnaast op de begane grond twee en op de verdieping drie vensters; boven het middelste van de drie een vlaamse gevel met aan weerszijden dakkapellen met een forse overstek van het dakje en zinken piron op de nok.

De zuidgevel: rechts een uitspringende trapgevel met pirons; op het hoogste punt een stenen adelaar; in de top twee vensters en op de begane grond en verdieping een venster met in de tracering boven het verdiepingsvenster zandstenen sculpturen. Links hiervan een entree als in de westgevel maar met hardstenen sleutelstukken onder betonnen kalf en profilering in het metselwerk: onder lessenaarsdak met hierboven zandstenen gevelsteen met inscriptie ‘URBI ET ORBI’; op de verdieping een pui waarboven een terras met gemetselde balustrade: op de hoek een leeuw-sculptuur. In de flank van het entree-deel op de begane grond en de verdieping één venster; in het dak een rechthoekige gemetselde schoorsteen. In het terugliggende deel op de begane grond een venster; op de verdieping een nieuwe pui met zandstenen sculpturen als in de westgevel; boven de goot een trapgevel met hijsbalk en een venster met luiken.

De oostgevel (achtergevel): soberder; met speklagen; de vensters hebben een strek met zandstenen aanzetstenen en sluitstenen, een grote pui met achterdeur die aansluit op de centrale hal en een grote pui van de regentenkamer, beide voorzien van geruit glas. Links tegen de gevel een berghok.

Het INTERIEUR is rijkelijk gedecoreerd. Centrale hal: granietvloer, wit tegelwerk lambrisering, schilderwerk versiering op de wanden, met name rondom doorgangen en op het steekgewelf; pui van tochtportaal voorzien van fraai glas-in-lood: schijnvoeg-schilderwerk in portaal.

Regentenkamer: houten pui met fraai glas-in-lood werk; geschilderde ornamentering op de plafonds; houten lambrisering met vaste houten wandkasten; parketvloer; twee zwarte marmeren haarden: een doorgang naar de conciërge-woning.

De verdieping is minder rijkelijk gedecoreerd, maar visueel en structureel grotendeels origineel. De keuken is gemoderniseerd; het vertrek van de kredietbank is na de brand ontdaan van de moderniseringen uit de jaren 50 en in stijl opgeknapt.

Waardering
Het administratiekantoor van het Old Burger Weeshuis te Sneek is van algemeen cultuurhistorisch en architectuurhistorisch belang:
– als bijzondere uitdrukking van een sociaal/culturele ontwikkeling;
– vanwege zijn plaats binnen de geschiedenis van het O.B.W.;
– vanwege het belang voor de architectuur-geschiedenis;
– voor het oeuvre van de architect;
– vanwege de hoogwaardige esthetische kwaliteit van het ontwerp;
– vanwege de architectonische gaafheid van het ex- en interieur;
– in relatie tot de visuele gaafheid van de stedelijke omgeving.