Lieuwe Brandenburgh

Lieuwe Brandenburgh

Na de dood van Hessel Brandenburgh in 1903 werd de drukkerij-uitgeverij voortgezet, hoewel de enige zoon Lieuwe nog maar 14 jaar oud was. In 1912 ging de Nieuwe Sneeker Courant een fusie aan met De Sneeker Courant. Dat betekende nog niet dat er voortaan geen concurrentie meer was: die was er zeker in de vorm van het in 1904 opgerichte Drijfhout’s Advertentieblad.

Kiezebrink en de Nieuwe Sneeker Courant

Aan de Nieuwe Sneeker Courant waren echter bekwame verslaggevers verbonden. Daarvan is de Leendert Kiezebrink welhaast legendarisch. Bekend is het verhaal dat hij zijn verslagen van de raadsvergaderingen tijdens die vergaderingen geheel persklaar schreef om ze onmiddellijk na sluiting van de vergadering aan de zetter af te leveren.
Niet alleen de notulist van de gemeenteraad, maar ook veel secretarissen van Sneker verenigingen maakten voor hun notulen dankbaar gebruik van Kiezebrinks kranteverslagen.
Kiezebrink en zijn collega-verslaggever Van der Wal hielden hun kantoor van De Nieuwe Sneeker Courant tot 1927 op de hoek van het Kleinzand. In dat jaar nam Kiezebrink met enige compagnons de krant over van Brandenburgh en vestigde zich in het pand even verder op het Kleinzand (nu Drukkerij Weissenbach).

Verbouwing

Lieuwe Brandenburgh zette de drukkerij-uitgeverij van boeken en tijdschriften voort en richtte daarvoor het hoekhuis aan het Kleinzand in.

Lieuwe Brandenburgh moest ruimte hebben voor zijn drukpersen en daarom vonden er aan het Kleinzand 1 ingrijpende wijzigingen plaats.
De reeds eerder door kantoren vervangen woonruimten ondergingen een verbouwing.
De nog altijd bestaande peikamer of insteek werd gesloopt en de kelderkamer verviel.
Op de plaats van de kelder kwam een vloer op het niveau van de vloer van het achterhuis aan de Gedempte Poortezijlen.
Een doorbrak van dit achterhuis naar het voorhuis leverde ruimte op voor de persen en andere machines.
De voorkamer werd kantoor en kreeg een nieuwe ingebroken toegang aan de Gedempte Poortezijlen.

Lieuwe Brandenburgh bleef na 1927 allerlei drukwerk verzorgen maar zijn grote faam verwierf hij door zijn Friese tijdschriften en boeken, die respect afdwingen door hun typografie, verzorgde illustraties en mooie banden.
Van de tijdschriften zijn te noemen Frisia, Pompeblêdden en het immer fraai geïïllustreerde it Heitelân.
Van de boeken noemen we die van Reinder Brolsma (onder andere It Aldlân, it Heechhôf en Richt) van Simke Kloosterman (De Hoara’s fen Hastings) Nyckle Haisma (Suderkrús) Ulbe van Houten (De Wraek), dikwijls uitgaven van de Fryske Bibleteek.
De Frisiarige – ook zeer verzorgd uitgegeven – omvatte publicaties op het gebied van literatuur en geschiedenis. De gedichtenbundels van dr. Obe Postma kwamen er onder andere in uit, maar ook het monumentale Samle Fersen van dezelfde dichter werd door Brandenburgh in 1949 uitgegeven op een wijze die recht deed aan de allure van dit dichtwerk.

Brandenburgh stond bekend om de zorgvuldige, foutloze wijze van drukken van het Fries.

Natuurlijk werd er ook in het Nederlands gedrukt, bijvoorbeeld het tijdschrift Golfslag van de Noord Nederlandse Watersport Bond, waarvan Lieuwe Brandenburgh behalve uitgever ook redacteur was. I
n de watersport was hij goed thuis als penningmeester van S.Z.C. In 1935 maakte hij deel uit van de eerste Sneekweekcommissie en lange tijd was hij tijdens de Sneekweek lid van het wedstrijdkomitéé. In 1938 behoorde hij ook tot de oprichters van het Fries Scheepvaart Museum, waarvan hij de immer zuinige penningmeester was tot zijn dood in 1961; hij was de enige vooroorlogse bestuurder die bij de heropening weer in functie trad.

De drukkerij werd na 1961 tot 1980 voorgezet door Hessel Brandenburgh.